Curatorial Statement
De meest bezochte openbare ruimte van Nederland
Door planners en politici is mobiliteit lang beschouwd als een noodzakelijk kwaad. Bron van stank en lawaai, en bovendien schadelijk voor het milieu. Vooral de auto en de snelweg moesten het ontgelden. Het bestrijden van de negatieve effecten eiste alle aandacht op, terwijl gelijktijdig de snelweg zelf aan zijn lot werd overgelaten. Voor die eenzijdigheid is een hoge prijs betaald. Het heeft een niemandsland, een restruimte opgeleverd, die lukraak kon dichtslibben met een wildgroei van bedrijventerreinen, geluidswallen en non-descripte bouwsels. Vergeten werd dat dagelijks miljoenen mensen een groot deel van hun tijd op de snelweg doorbrengen. Zo blijkt dat de meest bezochte openbare ruimte tevens de meest verwaarloosde is.
Een miskende opgave
De gevolgen van de massale mobiliteit voor de ruimtelijke ordening zijn wereldwijd verstrekkend. In relatief korte tijd heeft ze het aanzien van metropolitane agglomeraties compleet veranderd. In hoog tempo zijn steden tegen het netwerk van verkeerswegen aangekropen. De ongebreidelde verspreiding van stedelijk materiaal, een fenomeen dat wel met ‘stedelijke nevel’ wordt aangeduid, zet zich onverminderd voort. In Nederland verdwijnen landschap en natuur uit het zicht en raken versnipperd in enclaves. De verwezenlijking van de ecologische hoofdstructuur loopt niet alleen spaak op de hoge prijs van landbouwgrond. De samenleving kan het zich niet langer permitteren mobiliteit en infrastructuur voornamelijk als een technische opgave te zien. Het is ook en vooral een maatschappelijke, culturele en esthetische opgave.
Mobiliteit als uitdaging voor ontwerpers
De ontdekking van mobiliteit en de weg als collectieve opgave opent voor ontwerpers en bestuurders nieuwe perspectieven. Kan het niemandsland dat binnen de invloedssfeer van de route ligt worden getransformeerd in een plaats met een identiteit? Kan de grond onder de weg dubbel worden gebruikt? Kan de weg in een gebouw veranderen en het gebouw in een weg? Hoe kunnen landschap, stad en infrastructuur beter met elkaar worden verweven en behoort de ‘scenic highway’ in Nederland tot de mogelijkheden? In hoeverre het ‘mobiliteitslandschap’ dat de laatste decennia overal ter wereld is ontstaan, kan worden gestuurd en ontworpen is de centrale vraag die tijdens de eerste biënnale Rotterdam aan de orde wordt gesteld.