Kees Christiaanse is an architect and urban planner from the Netherlands. He is the founding partner of internationally celebrated KCAP Architects&Planners. With offices in Rotterdam, Shanghai and Zurich, KCAP works on architectural and urban design projects throughout Europe and Asia.

Next to his activities as architect, Kees Christiaanse was the Curator of the 4th International Architecture Biennale Rotterdam in 2009 entitled "Open City: Designing Coexistence" and is since 2010 program leader of the Future Cities Laboratory (FCL) in Singapore. He is a proponent of the idea of "open city" and "mixed communities" as a way of counteracting the ongoing move toward gated communities. Christiaanse believes that architecture and urban design should promote interactions among citizens rather than isolation.
Since 2003, he is the Chair of Architecture and Urbanism at ETH, Zurich, from 1996 – 2003 he has taught at the Technical University of Berlin and had visiting professorships at various universities among which the London School of Economics and the Berlage Institute in Rotterdam. Just recently he was appointed Chairperson of the External Advisory Board of the Architecture and Design Department of the Singapore University of Technology and Design.

Between 1980 and 1989, Christiaanse worked for the Office of Metropolitan Architecture, becoming a partner in 1983. He studied architecture at the Delft University of Technology.

Floris Alkemade (1961) is architect en stedenbouwkundig ontwerper. Na zijn afstuderen bij Rem Koolhaas aan de TU Delft was hij 18 jaar lang verbonden aan het bureau Office for Metropolitan Architecture (OMA), waarvan de laatste acht jaar als partner. Hij werkte aan grote projecten en studies over de hele wereld, zowel op het schaalniveau van de architectuur als van de stedenbouw. Bekend zijn Euralille, een grote gebiedsontwikkeling rondom het nieuwe TGV-station in Lille, het Ruhrmuseum in Essen en in Nederland het nieuwe Stadshart van Almere.
Sinds 2008 leidt Floris Alkemade zijn eigen bureau FAA (Floris Alkemade Architect) met projecten in binnen- en buitenland. Met FAA werkt hij onder meer aan grootschalige architectuurprojecten in Frankrijk, waaronder de transformatie en nieuwbouw van het 600 meter lange entrepotgebouw Macdonald in Parijs.
Floris Alkemade was negen jaar verbonden als gast-professor aan de Universiteit van Gent en sinds 2014 is hij lector aan de Academie van Bouwkunst in Amsterdam.

Per 1 september 2015 is Floris Alkemade benoemd als Rijksbouwmeester en als zodanig is hij voorzitter van het College van Rijksadviseurs. De Rijksbouwmeester adviseert aan de minister van Binnenlandse Zaken en de directeur-generaal van het Rijksvastgoedbedrijf. Hij bewaakt en bevordert de architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit van rijksprojecten waaronder ook afstoot en herontwikkeling van rijksvastgoed. De Rijksbouwmeester adviseert het Rijk bovendien gevraagd en ongevraagd over kwesties van architectonische kwaliteit en de grote ruimtelijke thema’s. Ook speelt hij een belangrijke rol in het aanjagen van het vak-discours.
In zijn agenda als Rijksbouwmeester verwoordt Floris Alkemade de ambitie om bij iedere ontwerpopgave op zoek te gaan naar maatschappelijke meerwaarde.

Adriaan Geuze is one of the founders of West8 urban design & landscape architecture b.v., a leading urban design practice in Europe. Geuze attended the Agricultural University of Wageningen where he received a Masters degree in Landscape Architecture. After winning the prestigious Prix-de-Rome award in 1990, Geuze, with his office West 8 founded in 1987, established an enormous reputation on an international level with his unique approach to planning and design of the public environment.
Adriaan Geuze, together with Edzo Bindels, brought West 8 to the frontline of international urban design and landscape architecture. West 8 developed a technique of relating contemporary culture, urban identity, architecture, public space and engineering within one design, while always taking the context into account.

Amongst the numerous design awards that West 8 has won, such as the Dutch Maaskant Award in 1995 and the Rosa Barba First European Landscape prize in 2002, Adriaan Geuze was presented with the Veronica Rudge Green Prize for Urban Design from the Harvard Design School in 2002. In 2005 Geuze was recognized as a leader in his profession by being given the prestigious position of curator for the 2nd International Architecture Biennale in Rotterdam. Recently Geuze and West 8 received the prestigious American Society of Landscape Architecture Honor Award 2009, AIA Institute Honor Award 2012 and the Lifetime Achievement Award 2011 from the BKVB, the Netherlands Foundation for Visual Arts, Design and Architecture. "The jury praised Geuze not only for the impressive projects he realized, but definitely also for the broad approach in which he applies his talents and the important role he plays in initiating discussion about spatial and environmental design".
With West 8, Adriaan Geuze has been honored with the success of winning various international design competitions such as Governor's Island in New York, Playa de Palma in Mallorca and Toronto's New Central Waterfront design in Canada.

ZUS [Zones Urbaines Sensibles] investigates the contemporary urban landscape on every possible scale by means of solicited and unsolicited designs. The output of the office ranges from political research to urban planning and from landscape design to architecture. ZUS works with a belief that everything and every place has the potential to become unique and thrilling. A spatial intervention should therefore always be inspired by the specific qualities of the site or its context.

ZUS [Zones Urbaines Sensibles] was founded in Rotterdam by Elma van Boxel (1975) and Kristian Koreman (1978) in 2001. In 2007 they received the prestigious Rotterdam Maaskant Prize for Young Architects and published their first book: Re-Public: towards a new spatial politics. Despite their young age they have already had the honor to be selected as curators for the 5th International Architecture Biennale Rotterdam and the first BMW Guggenheim Lab team in New York. In 2012 ZUS was selected as ‘Architect of the Year’ in the category small offices.Their work has been widely exhibited in a.o. the Venice Biennale, the Design Biennale Istanbul, the Architecture Biennale in Sao Paolo and the International Architecture Biennale Rotterdam. They hold teaching positions at various design schools including the CAFA school of architecture in Beijing and INSIDE at the Royal Academy of Arts in The Hague.

Van Boxel and Koreman head an international and multi-disciplinary team consisting of architects, urban planners, landscape architects, a graphic designer and a cultural economist. A professional design team is selected for each specific project.The list of ambitious projects ZUS is working on is expanding rapidly. In the field of landscape architecture ZUS has realized designs like Printemps à Grand Bigard in Brussels, the Central Park of the World Expo 2010 and the landscape of the Dutch Pavilion in Shanghai.ZUS designs large scale urban plans, such as Almere Duin –a coastal neighborhood containing 2650 houses, currently under construction– and A2 Maastricht –a city-wide infrastructural redevelopment plan which was designed jointly with the the Royal BAM, largest contractor in the Netherlands. Recently ZUS was asked to draw up the new master plan for the Futian District in Shenzen.
The Schieblock is the successful redevelopment of an abandoned office building in the center of Rotterdam. The project garnered attention for the fact that ZUS wasn’t only involved as architect but also as initiator, developer and real-estate agent. In 2012 the project was shortlisted for AM NAi prize and was awarded the Job Dura encouragement award. Currently ZUS, in partnership with the IABR and others, is occupied with the execution of Test Site Rotterdam: a complex urban renewal project which aims to redefine the current approach to city development. The multi-million dollar project is underway with the Luchtsingel (a crowd-funded pedestrian sky bridge), Europe’s largest rooftop farm (which was awarded the 2012 Green Building Jury Award) and a city park of 5.000 m2.

Henk Ovink is in 2015 benoemd tot Nederlands eerste Watergezant.
Daarvoor was hij senior advisor van de Amerikaanse Minister Shaun Donovan van HUD (Housing and Urban Development) in diens rol als voorzitter van de Hurricane Sandy Rebuilding Task Force.
Ovink was onder meer verantwoordelijk voor de lange termijn planningsstrategie en de succesvolle ontwerpwedstrijd Rebuild By Design.

Ovink was tot zijn aanstelling bij de Task Force zowel directeur-generaal Ruimte en Water als directeur Nationale Ruimtelijke Ordening van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu in Nederland. Als directeur-generaal was hij verantwoordelijk voor het nationale beleid en de nationale wetgeving, de lange termijnstrategie en de investeringen, programma's en projecten voor water en ruimtelijke ordening in Nederland.

Henk Ovink is lid van het bestuur van het Berlage Instituut, de UK School of Design, de TU-Delft faculteit Bouwkunde en de Master City Developer Rotterdam. Hij heeft het onderzoeksprogramma Design & Politics geïnitieerd met de bijbehorende hoogleraarspositie Design & Politics aan de TU Delft en een reeks publicaties met 010 Publishers, 'Ontwerp en Politiek'. Ovink werkt samen met en participeert in het onderzoeksprogramma Urban Age binnen het Cities Program van de LSE. Hij geeft lezingen en publiceert over de verandering van de overheid, het bestuur en de planning, alsmede over de specifieke relatie tussen ontwerp en politiek.

Daan Zandbelt (1975) is architect, stedenbouwkundige en partner bij De Zwarte Hond, een bureau voor architectuur en stedenbouw met vestigingen in Rotterdam, Groningen en Keulen. Vanuit Rotterdam, werkt hij met zijn team aan complexe stedelijke projecten die variëren van regionale strategieën tot precieze architectonische interventies. In 2015 - 2016 leidde Daan het IABR–Projectatelier Rotterdam, the Productive City. In dit atelier werd, door middel van ontwerpend onderzoek, verkend hoe de Rotterdamse regio een maak-economie kan ontwikkelen, met een team bestaande uit L’AUC uit Paris, marco.broekman uit Amsterdam en De Zwarte Hond. Dit atelier bracht twee van zijn specialisaties bij elkaar: ontwerpend onderzoek en ruimtelijk economische strategieën.

Voor De Zwarte Hond was Daan tien jaar lang partner bij Zandbelt&vandenBerg (Z&B). Dit bureau, dat hij met Rogier van den Berg oprichtte, begon met een onderzoek naar metropolitane strategieën van onder meer Londen en Parijs. Bij Z&B werd een methode voor ontwerpend onderzoek ontwikkeld in zelf-geïnitieerde projecten als Mid-Size Utopia, over ontluikende stedelijke regio’s aande rand van de Randstad (2009-‘11), en Z-lab, over metropoolvorming in de zuidvleugel van de Randstad (2005-‘07). Ervaring met ruimtelijke strategieën voor concurrentiekracht en innovatie deed Daan op in projecten als de TU Delft Campus Visie, KennisAs Rotterdam en Ontwikkelingsperspectief voor Food Valley, de regio rondom Wageningen UR. Ontwerpend onderzoek en economische strategieën kwamen eerder samen in opdrachten voor het Rijk waaronder BVNL, waarin ruimtelijk-economische strategieën voor zes stedelijke grensregio’s werden ontwikkeld. En op dit moment is Daan betrokken bij plannen om de regio Rotterdam Den Haag uit te laten groeien tot een samenhangende en toekomstbestendige metropoolregio.

Naast De Zwarte Hond werkt hij als assistant professor bij de Van Eesteren leerstoel van de TU Delft. Dezelfde universiteit waar hij, met eervolle vermelding, afstudeerde als architect (MSc) en stedenbouwkundige (MSc). Daarnaast studeerde hij in Chicago aan de UIC.

Fernando de Mello Franco is wethouder van Stadsontwikkeling van São Paulo, Brazilie.

De Mello Franco is een van de oprichters en partners van MMBB Arquitetos in São Paulo en curator van het Instito Urbem, en was onder meer visiting professor in Harvard. Hij heeft een sterke band met de IABR. In 2007 won hij de Biennale Award met het project Watery Voids. Tijdens de 4e IABR, in 2009, was hij als ontwerper betrokken bij het project in de favela Paraisópolis, dat de IABR samen met SEHAB, de Dienst Stedenbouw van São Paulo, heeft opgezet.
Fernando de Mello Franco was lid van het internationaal Curator Team van de 5e IABR: Making City, en als zodanig was hij de Ateliermeester van het Atelier São Paulo, opnieuw een samenwerking van de IABR met SEHAB.

Francine Houben (1955) is oprichter en creatief directeur van Mecanoo architecten in Delft. In 1984 studeerde ze cum laude af als architect aan de Technische Universiteit Delft.
Onder haar artistieke leiding en dankzij haar heldere visie, is Mecanoo in ruim 25 jaar uitgegroeid tot een innovatief architectenbureau dat wereldwijd aan beeldbepalende projecten werkt. Francine Houben heeft vele publicaties en tentoonstellingen op haar naam staan, geeft lezingen over de hele wereld en heeft zitting in jury’s van prestigieuze competities. Haar projecten illustreren de drie fundamentele elementen van haar architectuurvisie: Compositie, Contrast en Complexiteit. Het oeuvre van Francine Houben is ongekend breed: huizen, scholen, campussen en complete woonwijken, theaters, bibliotheken, en wolkenkrabbers, parken, pleinen en snelwegen, steden, polders en Randstad, hotels, musea en zelfs een kapel.

Francine Houben won vele prijzen, zoals de Maaskantprijs voor Jonge Architecten, de Jhr. Victor de Stuerspenning, de Scholenbouwprijs, de Nationale Staalprijs, de A.M. Scheudersprijs, de Nederlandse Bouwprijs, de Cityscape Architectural Award en de Chicago Athenaeum International Architecture Award.
In de periode 2000-2008 was Houben professor Architectonische Vormgeving en Mobiliteitsesthetiek aan de Technische Universiteit Delft. Van 2000 tot 2001 was zij professor in de mobiliteitsesthetiek aan de Università della Svizzera Italiana, Accademia di architettura in Mendrisio (Zwitserland). In 2001 ontving ze een honorary fellowship van het Royal Institute of British Architects en publiceerde ze haar manifest over architectuur Compositie, Contrast, Complexiteit.
Francine Houben was directeur van de eerste Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam 2003 met als thema Mobility, A Room with a View. Van 2003-2005 was ze lid van het International Design Committee van Londen, en van 2002-2006 was zij Stadsbouwmeester van Almere. In 2007 werd Francine Houben benoemd als visiting professor aan Harvard University in de Verenigde Staten. In 2007 ontving zij honorary fellowships van het American Institute of Architects en het Royal Architectural Institute of Canada. Voor de professionele organisatie van haar bedrijf, kreeg Houben in 2008 de Veuve Clicquot Business Woman of the Year Award uitgereikt. Eind 2010 werd ze voor haar verdiensten op het gebied van architectuur geëerd met het lidmaatschap van de Akademie Der Künste in Berlijn. In 2011 verscheen het boek Dutch Mountains, een reportage over acht bijzondere projecten uit vijf verschillende landen en haar leven in de internationale architectuur.

Onderzoeker en assistent professor, Istanbul Bilgi University, faculteit Communicatie
Asu Aksoy heeft onderzoek gedaan aan Britse en Turkse universiteiten naar stedelijke en culturele transformaties, met name naar migratie en globalisering, en naar bestaand en toekomstig beleid op deze gebieden. Met publicaties, presentaties en lezingen heeft ze in Turkije en daarbuiten de invloed van wereldwijde migratiestromen op het culturele kapitaal van steden in West-Europa geagendeerd. Daarnaast heeft ze geschreven over de transformatie van Istanbul in de context van de globalisering. Ook leidde Aksoy een project over de culturele economie van Istanbul dat aanbevelingen deed voor een agenda voor de creatieve stad. Aksoy was een van de oprichters van Santralistanbul, een internationaal kunst- en cultuurcentrum, dat tot stand kwam onder auspiciën van Istanbul Bilgi University.

Joachim Declerck (1979) is ingenieur-architect, en oprichter en partner van Architecture Workroom Brussels (AWB)— Europese denk-en-doe-tank voor innovatie op vlak van architectuur, stedelijke en territoriale ontwikkeling. Hij is sinds 2014 gastprofessor aan de Universiteit Gent (BE). De rode draad in zijn werkzaamheden is de inzet van ontwerp en ruimtelijke ontwikkeling als hefbomen voor het realiseren van belangrijke maatschappelijke transities.
Declerck studeerde af aan de Universiteit Gent (België). Later volgde hij de internationale postdoctoraal opleiding aan het Berlage Institute in Rotterdam. Hij bleef van 2005 tot 2010 verbonden aan dit instituut, vanaf 2008 leidde hij er het professionele onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma. Hij was namens het Berlage Instituut co‐curator van de 3e IABR, Power – Producing the Contemporary City (2007), en van de tentoonstelling A Vision for Brussels – Imagining the Capital of Europe (2007).
Sinds zijn oprichting in 2010 maakt Architecture Workroom Brussels als initiator, mediator en platform de ruimte en condities voor vernieuwende architectuur en voor ontwerpend onderzoek. AWB bestaat uit een team van tien architect-onderzoekers en wordt geleid door drie partners: Roeland Dudal, Els Vervloesem en Joachim Declerck. De langere strategische werklijnen van AWB richten zich onder meer op visionaire woningbouw, productieve landschappen, zorgzame buurten en de productieve stad. Als platform voor ontwerpend onderzoek en kennisdeling draagt AWB bij aan het brede maatschappelijke debat, aan de professionele praktijk en kennisontwikkeling, en aan de vernieuwing van stadsontwikkeling en beleid.
In 2010 was Declerck curator van de tentoonstelling Bouwen voor Brussel – Architectuur en Stedelijke Transformatie in Europa (2010). Hij was lid van het curatorteam van de 5e IABR, Making City (2012) en van het Belgisch paviljoen op de 13e architectuur biënnale van Venetië, getiteld The Ambition of the Territory (2012), en als Ateliermeester betrokken bij verschillende IABR–Ateliers.

George Brugmans is algemeen directeur van de IABR sinds 2004. Hij was ook de voorzitter van het Curator Team van de 5e IABR: Making City. Daarnaast is hij algemeen directeur van iabr/UP en als zodanig verantwoordelijk voor alle IABR-Ateliers.

Voordat hij directeur werd van de IABR was Brugmans internationaal actief in de kunsten en media.
Hij is oprichter en eigenaar van Amago, een onafhankelijke film en media producent, die films van onder meer Oscar-winnaar Mike Figgis, Jos de Putter, Klaartje Quirijns en Rob Schröder (co)produceerde.
Tot 2004 was hij was eindredacteur bij de VPRO, onder meer van de programma’s Laat op de Avond na een Korte Wandeling, Zeeman met Boeken en DNW – Rooksignalen uit de Nieuwe Wereld en als zodanig verantwoordelijk voor de productie van ruim 200 documentaires, waarvan hij er dertien ook zelf regisseerde. Ook was hij een van de oprichters van het TV-programma Tegenlicht.
Als voorzitter en directielid van Bergen, een film en theater producent, was hij één van de producenten van Antonia’s Line – Academy Award® (Oscar®) for Best Foreign Film (1995).
Hij was (co)auteur van verschillende scenario’s, onder andere van de speelfilms De Wisselwachter (Jos Stelling,1986), en De Vliegende Hollander (Jos Stelling, 1995).

Voordat hij in de film werkte, was Brugmans internationaal actief in de podiumkunsten. Hij was onder meer medeoprichter en eerste directeur van het Springdance Festival in Utrecht (1986-1992), artistiek directeur van Sommerszene Salzburg, Oostenrijk (1990-1992), en medeoprichter en artistiek directeur van het Encontros Acarte Festival in Lissabon, Portugal (1987-1990).
Hij schreef het libretto van de opera Fausto (Salzburg, Oostenrijk, 1992). Hij was gastcurator van het Polverigi Festival (Ancona, Italie, 1989), curator van de video tentoonstelling Alma e Corpo (Porto, Portugal, 1993), curator van het Canada Dance Film Festival (Ottawa, Canada, 1994), en gast curator van het Master programma van de Design Academy Eindhoven (2004).

Brugmans (historicus, Rijksuniversiteit Utrecht en de University of Florida) publiceerde artikelen over o.a. internationaal cultuurbeleid en over de rol van het ontwerp, en was (mede)verantwoordelijk voor verschillende publicaties waaronder Making City (2012), Urban by Nature (2014), The Metabolism of Albania (2015) en The Next Economy (2016).
Hij was lid van het Committee of Cultural Consultants van de Europese Commissie in Brussel (1988), voorzitter van de commissie Internationaal Cultuur Beleid van de Raad voor Cultuur (2004 - 2007), en vicevoorzitter van het bestuur van de Amsterdamse Kunstraad (2003 - 2009).

Maarten Hajer (1962, Groningen) is internationaal bekend als politicoloog en planoloog. Hij was tot voor kort directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving en is als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Utrecht.

Hajer studeerde in de jaren tachtig cum laude af in zowel de Politicologie als de Planologie aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1993 in ‘Politics’ aan de Universiteit van Oxford, waar hij werkte met de geograaf David Harvey. In de jaren negentig was hij als onderzoeker verbonden aan de Universiteit van Leiden en aan de Ludwig-Maximilians Universiteit in München, waar hij samenwerkte met de socioloog Ulrich Beck. Daarna was hij Senior Researcher bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Sinds 1998 is hij hoogleraar Beleid & Bestuur aan de Universiteit van Amsterdam.

In 2008 werd Hajer door het Kabinet benoemd tot directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving. Het PBL is verantwoordelijk voor de strategische advisering van Kabinet en Kamer, het maken van wetenschappelijke assessments, toekomstverkenningen en optiedocumenten voor vraagstukken op het brede gebied van de leefomgeving (milieu, natuur, ruimte, water, mobiliteit). Het PBL is daarnaast actief voor internationale organisaties zoals de Europese Commissie, de OECD en UNEP.

Hajer vervulde tal van maatschappelijke functies. Zo was hij lid van de VROM-raad en als zodanig verantwoordelijk voor het rapport De Hype voorbij – klimaatverandering als structureel ruimtelijk vraagstuk (2007). In 2000 maakte hij deel uit van de commissie Witteveen die werkte aan een nieuw beginselprogramma voor de PvdA. Hij was columnist voor Het Parool en de Staatscourant, en jurylid voor onder meer de Internationale Spinoza Prijs voor Filosofie, de EO Weijersprijsvraag voor landschapsarchitectuur en EUROPAN 9, de Europese prijs voor architecten jonger dan 35 jaar. Ook was hij bestuurslid van de Amsterdamse Kunstraad en de Van Eesteren, Fluck van Lohuizen Stichting (EFL).

Op dit moment is Hajer onder meer bestuurslid van de Rotterdam Maaskant Architectuurprijs en lid van het UNEP Resource Panel dat zich bezighoudt met strategische vragen rond de uitputting van hulpbronnen, loskoppeling van economie en milieubelasting en ‘resource-efficiency’.

Als wetenschapper publiceerde Hajer vele boeken en artikelen. Zijn meest recente boeken zijn het in het kader van IABR–2014– geschreven Slimme Steden: De opgave voor de 21e-eeuwse stedenbouw in beeld (nai010 uitgevers/PBL, Rotterdam 2014, samen met Ton Dassen) en Sterke verhalen – hoe Nederland de planologie opnieuw uitvindt (Uitgeverij 010 Rotterdam 2010, auteur en redactie samen met Jantine Grijzen en Susan van ‘t Klooster).
Andere bekende boekpublicaties zijn het veel geprezen The Politics of Environmental Discourse (Oxford 1995); Op zoek naar nieuw publiek domein (Rotterdam 2001, samen met Arnold Reijndorp); en Authoritative Governance: Policy Making in the Age of Mediatization (Oxford 2009).
Samen met Henk Wagenaar was Hajer redacteur vanDeliberative Policy Analysis – Understanding Governance in the Network Society (Cambridge UP, 2003) en met Frank Fischer van Living with Nature (Oxford UP, 1999).
Binnen PBL–verband schreef Maarten Hajer in 2011 het essay De Energieke Samenleving waarin hij zijn deskundigheid verbindt met de rijke kennis van het PBL.

Leo Van Broeck (1958) werd in september 2016 door de Vlaamse regering aangesteld als nieuwe Vlaamse Bouwmeester.
Van Broeck studeerde in 1981 af als ingenieur architect aan de KU Leuven. Hij is er sinds 1995 actief als praktijk-assistent en sinds 2006 als professor architectonisch en stedenbouwkundig ontwerpen. In 1997 stichtte hij de vzw Stad en Architectuur, een vereniging die architectuur in België promoot aan de hand van debatten, lezingen en tentoonstellingen. In 2007 richtte hij samen met Oana Bogdan het architectenbureau Bogdan & Van Broeck op, een kantoor dat sterk gericht is op onderzoek en zich onderscheidt door een actief maatschappelijk engagement. Daarnaast was Van Broeck van 2013 tot 2016 voorzitter van de Koninklijke Federatie van de Architectenverenigingen van België (FAB).

Zijn mandaat als Vlaams Bouwmeester plaatst Leo Van Broeck in het teken van transitie naar integrale duurzaamheid. Hij beklemtoont daarbij het belang van een zorgzamer ruimtegebruik in de strijd tegen klimaatverandering. Doel is de ontwikkeling van een bouw- en ontwerpagenda voor een aangenamere, gezondere, beter uitgeruste en meer inclusieve leefomgeving, gekoppeld aan een zorgzamere en duurzamere omgang met ons leefmilieu en met natuurlijke hulpbronnen. Architectuur en ontwerpend onderzoek kunnen bij de transitie een belangrijke bijdrage leveren, door toekomstvisies en innovatieve oplossingen te verbeelden, te testen en te concretiseren in realisaties. Leo Van Broeck wil van architectuurkwaliteit, ruimtelijke kwaliteit en ecologische kwaliteit één verhaal maken.